Door verder te klikken op onze website, accepteert u cookies en vergelijkbare technieken. Hiermee verzamelen we persoonsgegevens en volgen wij uw internetgedrag. Klik op de knop meer informatie voor onze privacy statement.

 
 
 
 

Pasen

De kerststol is nauwelijks op en het restant oliebollen ligt nog voor de vogels en daar kom ik al met Pasen …
Zo gaat dat met theologen. In de tijd dat ik nog rondliep bij de zusters Augustinessen in Amsterdam, bij hun daklozenhulp, leefden ze volledig van giften. Dat betekende dat je met Pasen, kerstkransjes bij de thee kreeg en, u raadt het al …. paaseitjes met kerst. Alles in vrolijke dankbaarheid ontvangen!
Zo moet u het maar zien. Ik mag dit jaar ook met Pasen uw voorganger zijn. Ik ben daar heel blij mee. Voor mij is Pas en oneindig veel meer dan Kerst,
hoezeer ik er ook van kan genieten. Pasen, daar draait het allemaal om. Ik zou dat het liefste vieren op de klassieke manier, als triduum ( uitleg volgt…)
Ik heb daar nog niet met de kerkenraad over gesproken, maar ik dacht: “ Ik gooi het vast in de groep”. Deels dus een theologisch/liturgische
uitleg van wat ik bedoel, maar ik begin met de persoonlijke en emotionele geschiedenis van mijn eigen genesis van Pasen, mijn ‘paaswording’…
Toen ik kind was vierden wij Pasen in de kerk, wat ik noem, zo plat protestants mogelijk. Er was op Goede Vrijdag een dienst met Avondmaal (nu word ik misselijk als ik daaraan denk) en dan vierden we op Paasmorgen de Opstanding.
Ik kon me ook niets anders voorstellen. Tot ik theologie studerend in de Oude Kerk in Amsterdam terecht kwam, waar Sytze de Vries predikant was. Het was toen een kleine gemeente met liturgie en kerkmuziek hoog in het vaandel. Willem Vogel bespeelde de orgels en kort na mijn aankomst werd Christiaan Winter de cantor en de dirigent van de Sweelinckcantorij. De kwaliteit was heel hoog en daar werd ook hard aan gewerkt.De Oude Kerk wordt niet of nauwelijks
verwarmd. En zo in het vroege voorjaar Pasen bestond daar uit ‘diensten’ op donderdag, vrijdag, zaterdagnacht en zondagmorgen (zoals inmiddels in heel veel kerken, misschien wel de meeste…). Het wordt gezien als een ‘doorlopende’ dienst. Koud en heftig in menig opzicht. maar ik verzeker u, dan wordt het wel Pasen!! Je kwam daar met slaapzakken en kruiken. En ’s nachts was er warme wijn na afloop. Het eerste jaar lukte het me niet om alles mee te maken. Maar ik
was wel onder de indruk. Toen werd ik ouderling en kreeg deze hele cyclus toebedeeld. Er was geen ontsnappen meer mogelijk. De voorbereiding begon al op woensdagavond en het was een drukte van belang. De cantorij repeteerde, dat ging niet zachtzinnig, maar iedereen was opgewonden. Er liepen mensen rond
die enorm aan het versieren waren, grote boeketten met veel narcissen, overal. (Geld was er niet, dus, zoals een van de bloemenschiksters altijdriep: “Het enige wat je nodig hebt, is een stadspark met bloemen en een paar takken.” Zo was ook iedereen die even niks hoefde, bezig met het bijsnijden van kleine dunne kaarsen, die na het afgelopen jaar overgebleven en verzameld waren. Een keer zat ik daar met de grote Willem Vogel zelf te snijden terwijl hij organisten-anekdotes uit zijn lange geschiedenis vertelde. Er werden tafels aangericht voor de nachtelijke wijn met warmhoudketels. Alles gebeurde zachtjes om de cantorij
niet te storen. Nou had je in die enorme gotische donkere ruimte wel armslag natuurlijk. Iedereen was een beetje zenuwachtig en vol verwachting. Op Witte Donderdag begon het met een dienst in het koor, volledig gericht op brood en wijn.... wordt vervolgd

Met een hartelijke groet,

ds. Petra Bernard